Het is 30 augustus 2015 en Sophia checkt in voor haar reis naar Oeganda, een reis waarvan zij nog altijd niet is teruggekeerd.
Een kind verliezen is het ergste wat een mens kan overkomen, dat weten alle ouders. Wat wij niet weten is of wij ons kind werkelijk verloren zijn, of zij werkelijk niet meer thuiskomt.
Een moeder wier zoon omkwam bij het drama van de MH17 hoorde ik, Sophia’s moeder, zeggen dat geen kind zo aanwezig is als een gestorven kind. Behalve dan een vermist kind, dacht ik onmiddellijk, dat is nog meer aanwezig. Een vermist kind zit altijd in je hoofd, in je lijf, je ziet en hoort haar overal.

En altijd zijn er die vragen: ‘Waar is ze? Leeft ze? Hoe zal het met haar gaan? Komt ze weer thuis? Hoe lang duurt het nog?’

Sophia’s onbegrijpelijke afwezigheid, zo volkomen onwerkelijk, overschaduwt ons leven. Nog vrijwel elke dag moet ik mezelf vertellen dat het echt waar is, Sophia is vermist, haar lot is volkomen onzeker.
En tegelijkertijd draait de wereld maar door. Een deel van het leven staat stil, andere delen gaan ‘gewoon’ door.
Sophia’s jongste broer Jan heeft zijn middelbare school diploma gehaald en is nu ook een nieuw leven als student begonnen. Zijn mentor memoreerde bij de diplomauitreiking hoe zijn zus vijf jaar geleden in diezelfde stoel, op datzelfde podium zat. Dat zij sinds oktober 2015 verdwenen is en wij niet weten wat er met haar gebeurd is. Het was doodstil in die aula. Op dergelijke momenten is het gemis van Sophia nóg groter, als zoiets al mogelijk is.
Sophia’s broer Max werd 21 en gaat gestaag verder met zijn studie, ondanks alles. Wij, hun ouders, zien het vol bewondering aan. We doen het ze niet na.

Kortgeleden ben ik weer in Oeganda geweest. Ik heb met veel mensen gesproken en ook weer nieuwe dingen gehoord. Die weer meer vragen oproepen.
Vrijwel direct nadat Sophia is verdwenen is het verhaal ontstaan dat zij is aangevallen door een wild dier. Hier zijn echter nooit aanwijzingen voor gevonden. Bewijzen voor wat dan ook ontbreken. Wel zijn er heel veel ongerijmdheden en veel, heel veel vragen. Het is een gigantische puzzel waaruit de meeste stukken ontbreken. Dit is niet te accepteren en daarom blijven wij zoeken naar Sophia, ons mooie meisje, zo vol ambitie en levenslust. Naar antwoorden op al die slopende vragen. Elk pad dat ons dichter bij die antwoorden, dichter bij Sophia, zou kunnen brengen, gaan we op.
Wij weten ons hierin gesteund door mensen die hun deskundigheid met ons willen delen en ons van advies dienen, en de vele mensen die met ons meeleven. Omdat wij niet de enigen zijn die Sophia intens missen. Wij kunnen en mogen haar niet in de steek laten.
Veel mensen blijven ons steun en hulp geven, mogelijk zonder zich te realiseren hoe belangrijk hun niet aflatend medeleven is. Wij kunnen u verzekeren dat het heel belangrijk is en onze dank is groot. Het helpt ons om overeind te blijven, door te vechten, hoop te houden.

Zolang niets zeker is, is alles mogelijk.

Marije Slijkerman
Gerard, Max en Jan Koetsier